Het heeft even geduurd voordat we weer ergens een omputer met internet konden vinden, maar hier is dan eindelijk een vers verhaaltje over onze avonturen....
Na de jungletocht en onze avonturen op Sabah was het tijd om weer terug te gaan naar Indonesië. Na het afgelegen en niet-toeristische Oost-Kalimantan, besloten we een bezoek te brengen aan Bali. Na 3 maanden kuis bedekt te zijn geweest in moslimcontreien, hoopten we in Bali ons lichaamswit bij te kleuren, maar vooral ook lekker Westers te eten. Want Indonesische voedsel is heerlijk, maar na 3 maanden ga je toch wel verlangen naar een frisse salade en ’n pizza met heel veel kaas!
Zondagavond de 24e landde het AirAsia vliegtuig vanuit Kota Kinabalu op het grote vliegveld van Bali. In het vliegtuig was in de lonely planet al een hotel uitgezocht in Legian, een toeristisch plaatsje vlakbij het vliegveld. Nadat de taxi zich met veel moeite door de smalle straatjes heen had gemanoeuvreerd bleek Senen Beach Inn natuurlijk al vol te zijn. Gelukkig was in het dichtbij zijnde Adus Beach Inn nog wel plaats. In dit hotel in Balinese stijl (lees 4 tempeltjes en mooi houtwerk langs de dakranden) konden we voor slechts 14euro per kamer genieten van zwembad en ontbijt met vers vruchtensap, fruitsalade en toast met omelet.
Bij daglicht bleek het hotel ook nog op slenterafstand van het strand te zijn. Op naar het strand dus! En omdat Bali hele mooie golven heeft voor beginnende golfsurfers, waren wij vastbesloten om de wilde golven met een surfboardje te bedwingen.
Eerst gingen we op zoek naar Thijs, een vriend uit Nijmegen, die 4 maanden stage heeft gelopen bij WWF Berau, en die ook in Legian was. Thijs was heel Bali al rondgereden op een ocèk (scooter), hét vervoermiddel van Indonesië, waarop je het tenminste niet te warm krijgt van het lopen. We waren van plan om naar Seminyak te gaan, een badplaats te noorden van Legian. Dus huurden wij ook een Ocèk en ging ik bij Jan achterop en Madelon bij Thijs achterop richting strand. Aldaar zochten de mannen een schaduwplekje en ’n lekkere Bintang, en vermaakten Madelon en ik ons in de golven met een bodyboard. Dat werkte toch wel aanstekelijk op Jan en Thijs, en al gauw waren zij ook aan het stoeien met de golven. En natuurlijk moest toen het surfboard (die overal op het strand te huur zijn) uitgeprobeerd worden… Na een uur kon Jan toch al af en toe op het board staan, dus dat ging helemaal niet slecht!
Toch besloten we na deze ervaring nog een surflesje te nemen, die we regelden bij een local op het strand. Fris en fruitig waren wij de volgende dag vanaf 9u ’s ochtends op het strand in de weer met onze surfboards. Na een surfboard sprong op het droge werden we gelijk het diepe in gegooid… met het board een golf in geduwd, en daar gingen we. Ik had natuurlijk een valse voorsprong na eerdere golfsurf ervaringen op surfkamp, maar al snel had Jan de slag te pakken en bereed hij ook stoer de golven, als een echte surfridder. Ook Madelon kon aan het einde van de dag op de plank staan, dus ondanks de slechte les, had al ons gestuntel toch nog z’n vruchten afgeworpen!
|